Mobiele FTO voor ontgassen schepen/tanks
Wij delen graag onze ervaring van de afgelopen 5 jaar met het afvangen van Vluchtige Organische Stoffen (VOS) met mobiele vlamloze thermische oxidizers bij opslag terminals en een raffinaderij en het ontgassen van tanks/schepen. In dit deel gaan we in op het ontgassen van tankschepen, hetgeen 1 op 1 ook van toepassing is op opslagtanks.
In de voorgaande delen heb ik verteld over onze ervaringen in lang en kort lopende projecten met onze mobiele RTO. Op basis van deze ervaring hebben we 2 mobiel FTO’s ontwikkelt. We kunnen hiermee vluchtige organische stoffen (VOS) verwerken met een capaciteit tot 300 kg/uur.
Verschillende type ontgassingen
De mobiele FTO hebben we tot nu toe vooral ingezet voor het ontgassen van schepen. Hiervoor hebben wij een vergunning en drie kades beschikbaar voor zowel tankers als coasters in Rotterdam Pernis. De installaties en onze operatie vodoet volledig aan de ADN. Het ontgassen van schepen vertoont veel overeenkomsten met het ontgassen van tanks en leidingen.
Hierbij kunnen we onderscheid maken in de volgende type ontgassingen:
- Ontgassen (<10% LEL) door afzuigen (passief aanzuigen van omgevingslucht)
- Benzine, Nafta, MTBE, Tolueen, Pygas etc.
- Zuurstof arm ( <5 Vol%) maken door afzuigen (actief aanvoeren van stikstof)
- Gascondensaat, etc
- Ontgassen door druk aflaten en uitdrukken met stikstof
- Butaan en andere C3, C4 producten
Over het algemeen kan gesteld worden dat een tank +/- 3 tot 5 keer gespoeld moet worden om onder te 10% LEL te brengen.
De laatste fase kan lastig zijn als er veel vloeistof of roest achter is gebleven, waardoor er lange tijd uitdamping blijft plaatsvinden. Eventueel kan dan een sealant worden gedoseerd in de luchtaanvoer, zodat de uitdamping wordt onderdrukt en de roest of vloeistof veilig kan worden verwijderd.
Inertiseren
Bij het zuurstof arm maken is vaak +/- 2 tot 3 keer voldoende om de tank onder de 5 Vol% zuurstof te brengen. Om de stikstof veilig aan te voeren wordt de stikstof druk gereduceerd tot 30mbarg. Dit voorkomt dat de druk in de tank(s) te hoog kan oplopen en via de afblaasveiligheden van het schip naar buiten kan komen.
Gastank
Bij het ontgassen van een gastank (C3 of C4) is de begin druk vaak boven de 0,5 barg. Om dit veilig te kunnen ontgassen wordt de druk naar de ontgassingsinstallatie gereduceerd tot 30 mbarg. De druk in het schip wordt met stikstof op +/- 0,3 barg gehouden.
Emissies
Alle scheepsontgassingen worden uitgevoerd met een continue FID meting in de schoorsteen. We zien dat we ruim binnen de emissiegrenswaarden blijven, en vaak onder de meetnauwkeurigheid van de FID zitten: +/- 2 a 3 mg CxHy/Nm3. Met een aantal ontgassingen is ook de NOx gemeten. Ook deze zat op de meetnauwkeurigheidsgrens van de analyzer: +/- 2 a 3 mg NOx/Nm3
Veiligheid
Het ontgassen van tanks (en schepen) is een risicovolle activiteit, waarbij het treffen van veiligheidsvoorzieningen essentieel is. Daarom hebben we met onze installaties en processen een volledige HAZID en HAZOP doorlopen. Hieruit volgt dat de installaties instrumenteel zijn beveiligd op het niveau van SIL 2. Zonder dit niveau van veiligheid zijn de risico’s voor een terminal, raffinaderij (of scheepseigenaar) onverantwoord.
In de volgende delen zal ik verder ingaan op ander typen ontgassingen, zoals dak opdrijving bij een drijvend dak tank en VRU vervanging bij het laden van tankwagens, vullen van een schip zonder VRU, etc. Zie voor andere delen onze website www.cts.green